De trein des levens raast immer sneller voort in een steeds onherbergzamer en onheilspellender landschap.
Achteruit kijkend door de hoek van het raampje zie ik nog juist de warme, zo hartstochtelijk beleefde jaren van mijn jeugd
verglijden in een herinnering aan een ver verleden.
Wat de toekomst nog brengen moge is slechts treurnis en doemt reeds op in de kille nevelen aan de horizon.
Ik sluit mijn ogen definitief en fantaseer over een eeuwige jeugd.
